Wim Houben

Morele Ambitie

Mensen met een universitair diploma en een abonnement op Deliveroo.

Ze verdienen goed, maar doen eigenlijk maar wat.

Ze jongeleren met Excel files, maken Powerpoint presentaties (met veel te veel tekst per slide), en houden elkaar eindeloos bezig in meetings van 30 minuten.

Ze doen heus wel iets nuttig. Maar doen ze wel genoeg?

Die vraag stelt historicus Rutger Bregman in zijn boek Morele Ambitie.

Want waarom zouden intelligente, bevoorrechte mensen hun talent verspillen aan werk dat nagenoeg nutteloos is terwijl de wereld schreeuwt om oplossingen?

Doe eens een poging om de wereld drastisch te verbeteren, daagt hij uit.

Eind 2024 besloot ik het experiment aan te gaan.

Naast opruimen, een website bouwen en veel fietsen, verdiepte ik me een half jaar in onze collectieve smartphoneverslaving.

Het is een thema waar ik iets van weet en dat voldoet aan Bregman's criteria voor problemen die in aanmerking komen: omvangrijk, onderbelicht en oplosbaar.

Ik bood ik me aan bij scholen, werkte mee aan een boek (dat nooit uitkwam), en maakte een mini podcast rond het thema.

Het was een bijzonder leerrijke periode die hopelijk mensen geïnspireerd heeft om na te denken over hun digitale gewoontes.

Bregman richt zich vooral op twintigers die nog niet gevangen zitten in een gouden kooi of schrik hebben voor verandering.

Maar ik ben ervan overtuigd dat iedereen, hoe oud dan ook, moreel ambitieus kan zijn.

Want moreel ambitieus zijn betekent niet dat je je leven overhoop moet gooien.

In plaat van als een patattenzak in de zetel te zitten, kan je je ook inzetten voor een groter doel.

En dat is heus geen opoffering.

Want werken aan een thema dat je nauw aan het hart ligt zonder financieel motief is bevrijdend.

Het enige dat je nodig hebt, is een beetje moed.

Moed om niet mee te lopen met de kudde, maar te geloven in een diepere vorm van vrijheid.