Wim Houben I Home I Over I Abonneer


Brain Hacking: hoe tech-bedrijven verslaving ontwikkelen

9 Januari 2007: Steve Jobs onthult de eerste iPhone.

Met een iconische glimlach noemt hij het "de beste iPod die we ooit gemaakt hebben."

Geen App Store. Geen eindeloze notificaties. Geen Instagram-stories. Geen reden om tijdens een avond met vrienden ook maar één keer naar je telefoon te kijken.

Vandaag, ruim vijftien jaar later, heeft de smartphone de wereld fundamenteel veranderd. We kunnen met één tik de eerste lach van een pasgeboren neefje bewonderen, een hashtag van een sociale beweging volgen, of plannen maken met vrienden in een WhatsApp-groep.

Dat is prachtig.

Maar deze aflevering gaat niet over het nut van technologie. Deze aflevering gaat over een bezorgdheid die steeds meer mensen voelen:

We zijn de controle kwijt.

De apparaten en apps die we gebruiken zijn in toenemende mate de dirigent van ons gedrag. In 2023 keek de gemiddelde Vlaming meer dan drie uur per dag naar zijn scherm. Dat is, na slapen, de meest tijdsintensieve activiteit van de dag.

Dat doen we niet omdat we lui zijn, maar omdat we vechten tegen een industrie die miljarden investeert in iets wat ze zelf Brain Hacking noemen.

Tijdens mijn onderzoek stuitte ik op een artikel uit 2017 met de titel: "What is Brain Hacking?"

Aan het woord is Tristan Harris, een voormalig Google werknemer en klokkenluider die de donkere kant van de tech-wereld blootlegt. Hij houdt zijn telefoon omhoog en zegt: "Dit ding is een gokmachine. Elke keer dat je je telefoon uit je broekzak haalt, speel je een spel: Wat heb ik gekregen? Een nieuw bericht? Een like? Een update?"

Volgens Harris is het dan ook geen toeval dat we 85 keer per dag naar onze telefoon grijpen. Want achter de schermen is er een leger van gedragswetenschappers aan het werk om ons zo lang mogelijk daar te houden.

De interviewer stelt daarop de vraag: "Programmeren deze techneuten dan apps, of programmeren ze mensen?" Het antwoord van Harris is messcherp:

"Ze programmeren mensen. Deze bedrijven willen dat je hun producten op een specifieke manier gebruikt - en zo lang mogelijk. Want dat is hoe ze geld verdienen."

Hoe dat precies in zijn werk gaat, leren we van Adam Alter. Deze jonge Amerikaanse professor vertelt in zijn boek "Irresistible" hoe verslaving ontstaat.

Voor veel mensen roept het woord verslaving een beeld op van extreme gevallen: mensen die geld stelen van hun ouders of doelloos rondzwerven over straat. Maar in de psychologie heeft verslaving een heldere en minder sensationele definitie:

"Verslaving is een toestand waarin een persoon een substantie inneemt of gedrag uitvoert dat een verlangen ontwikkelt om het te herhalen, ondanks schadelijke gevolgen."

Opvallend: gedrag werd pas later toegevoegd. Want lange tijd dacht men dat verslaving enkel voortkwam bij het gebruik van substanties zoals alcohol of cocaïne - middelen die de chemie van de hersenen rechtstreeks beïnvloeden.

Pas sinds de 21e eeuw groeit het wetenschappelijke bewijs dat verslaving ook gedragsmatig kan zijn. Een invloedrijke studie uit 2010, gepubliceerd in The American Journal of Drug and Alcohol Abuse, concludeert dat gedragsverslaving op veel vlakken overeenkomt met substantieverslaving. De onderzoekers wijzen specifiek op gokken en internetgebruik als duidelijke voorbeelden.

Adam Alter, die de literatuur hierover grondig bestudeerde, komt in zijn boek tot twee verontrustende conclusies.

1) De moderne technologieën die wij gebruiken zijn bijzonder geschikt om gedragsverslaving te ontwikkelen.

Ze zijn milder dan een fysieke afhankelijkheid zoals alcohol of sigaretten, waardoor je waarschijnlijk geen ernstige ontwenningsverschijnselen zal ervaren. Maar toch is een technologieverslaving daarom niet minder gevaarlijk. Je moet namelijk niet stiekem langs de nachtwinkel om even op Facebook te zitten. De app zit gewoon je broekzak, te trillen tot je hem weer aandacht geeft.

Zijn tweede conclusie is wellicht nog verontrustender en ligt in lijn met de waarschuwing van Tristan Harris:

2) De verslavende aspecten van deze technologieën zijn geen toeval.

Ze worden bewust ontworpen door gebruik te maken van twee cruciale ingrediënten: onvoorspelbare beloning en ons oerinstinct voor sociale bevestiging. Laten we beginnen met de onvoorspelbare beloning.

In de jaren '70 toont psycholoog Michael Zeiler aan dat beloningen die je op een onvoorspelbaar ritme geeft een veel sterker gevoel van verlangen opwekken. Dat komt omdat onvoorspelbaarheid zorgt voor een verhoogde aanmaak van dopamine - wat de neurotransmitter is die ons het gevoel van verlangen geeft.

In het experiment van Zeiler moesten duiven op een knop drukken, waarna ze op willekeurige momenten voedselkorrels kregen. Ditzelfde mechanisme wordt vandaag op grote schaal toegepast in de digitale wereld aan de hand van de like-button.

Elke keer je iets post, speel je een spel: Krijg ik likes? Of blijft mijn post onopgemerkt? Die onvoorspelbaarheid maakt posten en checken zo aantrekkelijk.

Maar de like-button is slechts één voorbeeld. Tech-bedrijven overspoelen hun product met onvoorspelbare beloningen. Denk bijvoorbeeld aan de eindeloze tijdslijn, die bij elke kleine swipe misschien iets interessant toont, of misschien niet.

In het interview over Brain Hacking ontmoeten we ook Ramsey Brown, een programmeur die code schrijft om te voorspellen wat het beste moment is om je een beloning te geven.

Hij vertelt dat op Instagram de likes vaak bewust worden achtergehouden. Het algoritme heeft namelijk berekend dat jij, gebruiker 10.223.542 in experiment 212, langer op Instagram zit als de beloningen later en in één keer worden verzonden.

Elke seconde voeren geavanceerde systemen dus miljoenen berekeningen uit. Ze testen variaties en passen de app dynamisch aan, met maar één doel: jou zo lang mogelijk vasthouden.

Als dat nog niet genoeg is, is er naast de wetenschap van de onvoorspelbare beloning nog een tweede kracht die speelt: ons oerinstinct voor sociale bevestiging.

In de prehistorie was het belangrijk om geaccepteerd te worden in de groep. Het was een kwestie van leven of dood. Dit evolutionaire mechanisme is nog steeds actief in ons brein - en techbedrijven hebben geleerd hoe ze dat kunnen gebruiken.

Elke like is niet alleen een onvoorspelbare beloning, maar ook een vorm van sociale goedkeuring.

Wanneer tientalle mensen op het hartje onder je Instagram-post drukken, voelt het alsof de groep bevestiging geeft. Maar deze dynamiek werkt in twee richtingen: een gebrek aan positieve feedback veroorzaakt stress. Ons brein beschouwt dit als een sociaal risico, waardoor we de urgentie voelen om voortdurend onze status te monitoren.

Dit oerinstinct verklaart waarom tieners geobsedeerd zijn door Snapchat-streaks - een reeks ononderbroken dagelijkse berichten die hun vriendschap symboliseert.

Het verklaart ook waarom mensen zich verplicht voelen om meteen te reageren op een bericht, zelfs in gevaarlijke situaties zoals achter het stuur.

Dat lijkt irrationeel, maar voor ons prehistorische brein voelt het negeren van een bericht hetzelfde als het negeren van een stamgenoot die om onze aandacht vraagt bij het kampvuur: een sociale afwijzing die 30.000 jaar geleden fataal kon aflopen.

Ken je de blauwe vinkjes op WhatsApp die tonen dat iemand je bericht al heeft gezien? Dat is een voorbeeld van hoe je dit oerinstinct misbruikt.

Sean Parker, de eerste CEO van Facebook vat het perfect samen:

"Het hele denkprocess achter deze apps gaat over slechts één ding: hoe kapen we zo veel mogelijk van jou tijd en aandacht?"

De kracht van Brain Hacking is zo sterk geworden dat zelfs de ontwerper van deze technologie eraan probeert te ontsnappen. Leah Pearlman, voormalig manager van het team dat de Like-button ontwikkelde, heeft vandaag iemand in dienst om haar social media te beheren - zodat ze zelf niet meer blootgesteld wordt aan de verslavende effecten die ze ooit zelf creëerde.

Dit verhaal is niet nieuw.

Klokkenluiders als Tristan Harris, Sean Parker, Leah Pearlman en Adam Alter tonen al sinds 2017 hoe deze bedrijven met chirurgische precisie een verslaving ontwerpen.

Toch voel ik in 2025 nog steeds dat deze aflevering gemaakt moet worden. We posten, liken en swipen als nooit tevoren. En dat is problematisch.

Elke interactie met deze apps levert waardevolle data op over hoe ons brein reageert op prikkels. Data die vervolgens wordt ingezet om de verslaving te verfijnen, wat de ontsnappingsroute steeds smaller maakt.

Met de vooruitgang in artificiële intelligentie moet je geen genie zijn om te voelen waar dit naar toe gaat. Tech bedrijven beschikken straks over een leger aan slimme systemen die op ongekende schaal experimenteren met onze instincten.

Vergeet kleine "tips and tricks" zoals het uitschakelen van je notificaties. Het is tijd om fundamentele keuzes maken.


Referenties